Nederlands  français  English
Voorkeurstaal: Nederlands

PM is een adviesbureau gespecialiseerd in crisisbeheersing, risicocommunicatie en begeleiding bij complexe veranderingen.

Door het organiseren van oefeningen en opleidingen op maat brengt ons team kennis en advies ook naar de praktijk.

Als gedreven team ondersteunen we onze klanten met 24/7 permanentie crisisadvies
Ons boek Geen Commentaar! Communicatie in turbulente tijden is verkrijgbaar in de betere boekhandel.

Een dringende overeenkomst

6/5/2008

De overeenkomst tussen verscheidene Belgische media en de nationale overheden is voor wat betreft de publicatie van dringende alarmeringsberichten een feit. Op die manier komen crisisgerelateerde berichten meteen in de media zonder dat daarbij tijd wordt verloren met journalistieke (double) checks van diezelfde berichten. Een beetje politicus zou dat algauw kunnen bestempelen als ‘een uitstekende deal voor de mensen’, al wordt het in de toekomst via nieuwe toepassingen vast mogelijk om de bevolking nog vlugger en vollediger te informeren.

Professionalisme

Door de handtekeningen van de Algemene Directie Crisiscentrum (ADCC) en die van verscheidene Belgische audiovisuele media werd de ‘overeenkomst voor de verspreiding van dringende berichten via de media aan de bevolking’ op 24 april jongstleden officieel bekrachtigd. Anders dan voorheen, waar alleen de openbare omroep de informatieverspreiding over noodsituaties als een wettelijke opdracht terugvond, kunnen we nu dus voor wat acute risico- en crisiscommunicatie betreft vertrouwen op meerdere media. Al bestond er natuurlijk al een hele tijd een officieuze samenwerking tussen overheid en media, zonder dat dit in regels of procedures was vastgelegd. Een samenwerking die volgens de officiële mededeling van de FOD Binnenlandse Zaken ook al heel vlot verliep omdat “ze gebaseerd was op het professionalisme van beide partijen”. Maar het kon dus vlotter en vooral officiëler (formele overeenkomsten zijn geen overbodige luxe tijdens noodsituaties) en dat kunnen we als bureau gespecialiseerd in risico- en crisiscommunicatie uiteraard alleen maar bejubelen want tenslotte gaat het over de veiligheid van ieder van ons.

Crisis alert

Heel concreet zullen de aanbevelingen natuurlijk niet veel meer inhouden dan boodschappen als ‘De provinciale fase van de noodplanning is afgekondigd’, ‘Er is kans op gevaarlijk chemische wolkvorming’ of ‘Ga naar binnen, sluit ramen en deuren en luister naar de media voor meer informatie’, maar dergelijke boodschappen kunnen uiteraard nooit vlug genoeg de bevolking bereiken. Als we het even praktisch bekijken zit de snelheid vooral in het ict-platform Crisis Alert waarmee het Crisiscentrum van de Regering en de provinciebesturen berichten rechtstreeks op Belga Direct kunnen publiceren, zonder tussenkomst van andere journalisten. “Crisis Alert is eigenlijk een template waarin verschillende parameters kunnen worden geselecteerd. De tool zet de selecties dan automatisch om in een lopende tekst die meteen verschijnt in Belga Direct”, legt Peter Mertens, woordvoerder van het Crisiscentrum uit. “De op Belga geabonneerde media ontvangen vervolgens een duidelijk identificeerbaar bericht, hebben de garantie dat de info correct is en brengen het zoals afgesproken onmiddellijk. Vooral de audiovisuele media zullen daarbij de voornaamste partners blijken, al is dit een procedé waarbij het natuurlijk nooit over scoops mag gaan want bij een noodsituatie staat elk medium op gelijke voet.”

Rampenzenders

Bij onze buren in Nederland bestaat al sinds eind jaren negentig een formeel protocol dat zich uit in dertien zogenaamde rampenzenders. Elke Nederlandse provincie engageert zich zo om bij een noodsituatie onmiddellijk informatie te verspreiden via het officiële regionale televisie- of radiokanaal. Het voordeel is dat dit gegeven prima zit ingebakken bij de bevolking omdat het ondersteund wordt door allerlei communicatiecampagnes. “Tot op vandaag kunnen de Nederlandse autoriteiten inbreken in radio-uitzendingen (de omroep wordt dan tijdelijk een calamiteitenzender), teletekstberichten plaatsen en ‘ticker’-systemen (banners die onderaan het scherm verschijnen, de meeste bekende zijn de ‘breaking news banners’) activeren”, zegt Jan-Bart Oppenraaij die communicatieadviseur is bij het Nederlandse expertisecentrum voor risico- en crisiscommunicatie (ERC) in Den Haag, een afdeling van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Een systeem dat sneller gaat dan bij ons, want de tussenkomst van het nationale persagentschap wordt overgeslagen.
Maar het ERC wil meer en probeert op dit moment het protocol uit te breiden naar de televisie-uitzendingen op de regionale zenders. “Als een burgemeester van een getroffen gemeente tips voor de buurtbewoners geeft, dan wil de Nederlandse overheid die verklaring meteen rechtstreeks op de regionale omroep kunnen geven.” De afspraken daaromtrent zijn kennelijk bijna rond, al is er nog een discussie over het kostenplaatje. “Stel dat de elektriciteit door de noodsituatie is uitgevallen, en de overheid wil toch informeren via televisie, dan moet die overheid voorzien in noodstroom. De omroepen daarvoor laten opdraaien, krijgen we niet bij hen verkocht”, besluit Van Oppenraaij. Een bedenking die je daarbij kan maken is dat los van het financieel probleem aan zenderzijde, ook de kijker of luisteraar natuurlijk nog altijd stroom nodig heeft, en daar lijkt voorlopig geen oplossing voor in de maak.

Lokale fase

Dergelijke systemen liggen in ons land voorlopig nog niet op tafel ter discussie. 'Inbreken' in radio- of televisie-uitzendingen zou in ons land trouwens alleen werken voor de uitzendingen van de openbare of de commerciële omroep. Regionale zenders zijn in ons land immers helemaal anders georganiseerd dan in Nederland, al was het maar wat de invulling van de zendtijd betreft.

Het nieuw ondertekende mediaprotocol geldt enkel tijdens de federale of de provinciale fase van de noodplanning. Peter Mertens raadt de lokale besturen daarom aan ook op lokaal niveau afspraken te maken met de plaatselijke media. “Praat op voorhand met vrije zenders en regionale omroepen en spreek af hoe de informatie zo snel mogelijk bij het publiek geraakt.” De teksten en formuleringen die typerend zijn voor snelle alarmering naar de media zijn via de leidraad Crisiscommunicatie dan wel weer makkelijk te gebruiken voor de lokale besturen.

De overeenkomst tussen overheden en media is onderworpen aan een jaarlijkse evaluatie. ‘Wanneer werd de applicatie verkeerd/overbodig toegepast’ of ‘wanneer werd ze verkeerdelijk niet toegepast’ zijn vragen die dan zullen worden gesteld.
Sinds de officiële overeenkomst is de applicatie nog niet ‘wakker gemaakt’ en gelukkig maar. Er zijn wel - onder andere op vraag van de media - oefeningen voorzien.


Auteur: Frederik Vercaempst
Zie ook artikel: U bent gewaarschuwd!